Blogs

Storingscompensatie en aansprakelijkheid: een gemiste kans in Warmtewet 2.0?

15-07-2020

Warmtebedrijf, regel uw aansprakelijkheid goed.

Op 22 juni 2020 is de internet consultatie ten behoeve van het ontwerp van de Wet collectieve warmtevoorziening (Warmtewet 2.0) gestart. Inwerkintreding staat op 1 januari 2022 gepland.

Even kort, wat wordt anders?
Met deze Warmtewet 2.0 krijgt de gemeente een zogenaamde regierol voor wat betreft de ontwikkeling en groei van collectieve warmtesystemen. Zo bepaalt de gemeente waar en wanneer gekozen wordt voor een collectief warmtesysteem (wijkgerichte aanpak) en stelt zij een zogenaamd warmtekavel vast. Zonder aanwijzing van de gemeente is het bovendien verboden door een ieder om warmte te transporten, op bepaalde uitzonderingen genoemd bij wet na.

De tarieven moeten transparanter. Meer kosten-gebaseerd in plaats van een directe koppeling met de kosten die worden gemaakt op basis van gas. Ook wordt de verduurzaming zeker gesteld via een duidelijke en haalbare norm voor CO2 prestaties. Ten slotte moet de leveringszekerheid aangescherpt. Hierbij wordt in het wetsvoorstel onderscheid gemaakt tussen maatregelen die zijn gericht op het zoveel mogelijk voorkomen van verstoring van de warmtelevering gedurende korte periodes en maatregelen die zich richten op het waarborgen van de continue beschikbaarheid op de lange termijn.

Ben ik als warmtebedrijf ook aansprakelijk voor uitval?
Voornoemde leveringszekerheid wordt in de memorie van toelichting zelfs als de achilleshiel van collectieve warmte bestempeld. Het voornemen is bovendien om de warmtelevering als vitaal proces aan te merken, net als de distributienetten voor elektriciteit en gas. Dat is op zich ook niet gek, want evenzo dat verstoringen in elektriciteits- en gasnetten tot grote gevolgen voor het maatschappelijk verkeer kunnen zorgen, kunnen verstoringen of uitval van collectieve warmtesystemen en warmtetransportnetten dat doen. De huidige regels blijken niet eenduidig en er bestaat onduidelijkheid over wie waarop aangesproken kan worden en waar eventuele kosten kunnen worden verhaald.

In de regel zal het wamtebedrijf afspraken maken met de verbruikers die zijn aangesloten op het warmtetransportnet over de levering. Onderwerp daarvan zal ook aansprakelijkheid zijn ingeval van het niet kunnen leveren van warmte als gevolg van een storing of onderhoud. Echter dit kunnen lastige onderhandelingen zijn. Is de levering en transport van warmte te kwalificeren als een inspannings- of een resultaatsverbintenis? Komt alleen directe schade voor vergoeding in aanmerking en wat is een reële aansprakelijkheidsbeperking? Alhoewel in het wetsvoorstel ervan uit wordt gegaan dat er een leveringsovereenkomst is, is nergens opgenomen dat er een plicht is tot het afsluiten van een dergelijke overeenkomst. Als partijen ten aanzien van de aansprakelijkheid niet tot een contractuele regeling kunnen komen, maar er wel een aansluiting is en warmte geleverd wordt, dan betekent dit dat wanneer een partij schade lijdt door een aan het warmtebedrijf toe te rekenen tekortkoming, die partij het warmtebedrijf onbeperkt aansprakelijk kan houden. Een dergelijk risico zal moeilijk te verzekeren zijn tegen een redelijke premie.

Doekje voor het bloeden
In dat op zicht lijkt het dan ook een gemiste kans dat in het wetsvoorstel inclusief in de bijbehorende ministeriële regeling “slechts” een regeling voor compensatie is opgenomen. Artikel 2.14 van het voorstel bepaalt dat het aangewezen warmtebedrijf al hetgeen redelijkerwijs in zijn vermogen ligt in het werk stelt om afsluiting dan wel onderbreking van de warmtelevering te voorkomen of, indien die toch optreedt zo snel mogelijk te verhelpen. Ingeval van een ernstige storing (langer dan 8 uur) moet het warmtebedrijf compensatie aan de verbruiker betalen als de oorzaak is gelegen in de in artikel 2.15 opgesomde componenten. In de huidige Warmteregeling bedraagt de hoogte van de financiële compensatie per aansluiting van een verbruiker EUR 35,– bij een storing met een duur van 8 tot 12 uur, vermeerderd met EUR 20,– voor elke volgende aaneengesloten periode van 4 uur.

Waarom lijkt dit een gemiste kans? Deze compensatieregeling is namelijk geen erkenning voor civielrechtelijke aansprakelijkheid, laat staan dat dit compensatiebedrag afdoende is om geleden schades te dekken die in de miljoenen kunnen lopen bij storingen en uitval van een dusdanig vitaal proces.

Wat zou een oplossing kunnen zijn?
Artikel 6:110 Burgerlijk Wetboek biedt een mogelijkheid om aansprakelijkheid bij Algemene Maatregel van Bestuur ( AMvB) te beperken. Daarnaast zou in de Warmtewet zelf of in de Warmteregeling een sectorspecifieke bepaling kunnen worden opgenomen. In een dergelijke bepaling zouden in ieder geval bedragen kunnen worden bepaald alsmede soorten schade die wel en niet voor vergoeding in aanmerking komen (bijvoorbeeld directe schade wel, maar gevolg schade zoals gederfde winst niet). Ook zou invulling kunnen worden gegeven aan de mate van verwijtbaarheid.

Afsluiting
Zolang dus geen sectorspecifieke aansprakelijkheidsregeling is opgenomen in de wet, is het zaak om als warmtebedrijf een goede aansprakelijkheidsregeling in de leveringsovereenkomst op te nemen en een adequate verzekering af te sluiten.

Meer weten over de Warmtewet of andere energievraagstukken? Neem gerust contact op met Mr. M-C. Willenborg.

CS Advocaten maakt gebruik van Cookies

Geef per categorie de keuze voor het gebruik van cookies aan. Wij hebben de cookies van Google Analytics volledig geanonimiseerd en daarom mogen wij die plaatsen zonder toestemming.

In onze Privacyverklaring is hier meer over te lezen. Graag de beste website ervaring? Vink dan alle vakjes aan.

OK